Alleen wie zwak is, vreest de islam
Door Bertus Bouwman
Bron: Nederlands Dagblad - www.nd.nl
Christelijke politiek bedrijven in de Islamitische Republiek van Iran. Dat klinkt in Nederland als een onmogelijkheid, maar voor Yonathan Betkolia is het zijn dagelijkse werk. Intussen lopen de spanningen tussen Iran en het Westen op. ,,We moeten samen de vrede vinden, daar draagt bijvoorbeeld de film van Geert Wilders niet aan bij.''
Hoofdschuddend keek het Assyrisch-christelijk parlementslid Yonathan Betkolia samen met president Ahmadinejad en andere parlementsleden naar de film Fitna van Geert Wilders. ,,Iran heeft geen actie ondernomen omdat de Nederlandse regering en de bevolking afstand hebben genomen van de film.'' Maar eventuele reacties op Fitna baren hem zorgen. ,,Wat gebeurt er als een groepje fundamentalistische moslims de film wel serieus neemt? Zij denken dat Wilders een christen is. Misschien doen ze iets tegen de dichtstbijzijnde christenen. Dat zijn wij, terwijl we niets van die film moeten hebben.''
Betkolia is verontrust over de toenemende angst voor de islam in Europa en de Verenigde Staten. ,,We moeten samen de vrede vinden. De film van de heer Wilders draagt daar niet aan bij. Hij drijft de partijen juist uit elkaar.''

Yonathan Betkolia, vertegenwoordiger van de Assyriërs
in het Iraanse parlement
Hechte en naar binnen gerichte gemeenschap
Betkolia is een van de vijf vertegenwoordigers van een minderheid in het Iraanse parlement van 290 zetels. Armeense christenen, joden en zoroastristen bezetten de overige vier minderheidszetels, waarbij de Armenen twee zetels hebben. ,,Het is grondwettelijk vastgelegd dat elke erkende minderheid een vertegenwoordiger krijgt, ongeacht het aantal stemmen. Normaal zijn er 150.000 stemmen nodig voor een zetel, terwijl wij slechts 25.000 tot 50.000 stemmen krijgen.'' Het Iraanse parlement heeft vooral een adviserende functie en valt onder het kabinet en president Mahmoud Ahmadinejad. De absolute macht is in handen van de Opperste Leider ayatollah Ali Khamenei.
Samen met de andere vertegenwoordigers probeert Betkolia de positie van de minderheden te versterken in Iran. Als voorbeeld noemt hij zijn laatste succes. ,,Als in Iran iemand sterft door toedoen van een ander, krijgen de nabestaanden bloedgeld van de dader. Vroeger was het leven van een moslim in geld twintig keer meer waard dan dat van een christen. Nu is het voor iedereen gelijk. Na al die inspanningen is dat een mooi resultaat.''
Tien jaar geleden stond bij personeelsadvertenties vaak de tekst 'alleen moslims'. Ook dat hebben de christelijke parlementsleden met succes naar de geschiedenisboeken verwezen. ,,Nu hebben Assyrische en Armeense christenen net zoveel arbeidskansen als moslims. Bedrijven kijken tegenwoordig eerder naar je kwaliteiten dan naar je geloofsovertuiging.''
Hoewel de minderheden samen nog geen twee procent van de bevolking vormen, is de politicus ervan overtuigd dat hij en zijn collega's serieus worden genomen. ,,Als een moslimparlementslid en ik een gesprek aanvragen bij een minister, dan krijg ik meestal voorrang. De christenen worden serieus genomen, omdat wij leven als goede burgers.'' Toch moeten de minderheden opboksen tegen een enorme meerderheid. ,,Dat is lastig, maar moeilijkheden zijn er om te overwinnen'', zegt Betkolia strijdlustig.
De Assyrische gemeenschap is hecht en voor haar eigen veiligheid erg naar binnen gericht. ,,Het is verboden om te evangeliseren onder moslims, dus dat kan gewoon niet. We mogen wel kranten en bijbels in onze eigen taal drukken, we krijgen daar zelfs subsidie voor van de regering.'' Op de vraag of moslims welkom zijn in de kerk, is Betkolia duidelijk. ,,Dat is onmogelijk, van de islam mag je niet veranderen van geloof. Dat is één van hun grootste zonden.''
Doordat de overheid de Assyrische en Armeense christenen als minderheid erkent, hebben ze relatief veel vrijheid. Het parlementslid benadrukt dat graag. ,,Kijk hier eens rond, we mogen doen en laten wat we willen.'' Betkolia laat een omheind park zien, dat grenst aan zijn kantoor. Het is een zwoele avond. Overal zitten gezinnen die gezellig picknicken en vrouwen zonder hoofddoek, die westers gekleed gaan. ,,Dit park is speciaal voor Assyrische christenen.'' Moslims komen hier niet en dat is tekenend voor de positie van deze kleine groep christenen. ,,Maar president Ahmadinejad woont wel de opening bij van ons jaarlijkse internationale sportevenement, de Assyrische Olympische Spelen. Helaas durft de Nederlandse afvaardiging niet te komen.''
Toch gelden deze rechten niet voor alle Iraniërs. Minderheden die niet door de overheid worden erkend, hebben het onverminderd zwaar. Kleine groeperingen als de Bahaigemeenschap en tot het christendom bekeerde moslims worden onder president Ahmadinejad steeds vaker gearresteerd en vastgehouden op onbekende plaatsen. Ook de Koerden en de Baluchi's, een volk bij de Pakistaanse grens, worden hard aangepakt. Dat blijkt onder meer uit rapporten van Amnesty International. Op de vraag of Betkolia niet iets voor hen kan doen, antwoordt hij ontwijkend. ,,Zij hebben hun eigen problemen.'' Het lukt niet hem daarover meer te laten zeggen. Zorgvuldig en vriendelijk trekt hij de façade op die kennelijk hoort bij de relatieve vrijheid van een erkende minderheid.
Nieuwsgierige en zeer gastvrije bevolking
Iran is een land dat moeilijk te begrijpen valt voor westerlingen. Aan de ene kant de negatieve berichtgeving over onder andere de schending van mensenrechten door de regering, aan de andere kant de bevolking, die over het algemeen nieuwsgierig is naar buitenlanders en hen met liefde een enorme gastvrijheid betoont. Volgens Yonathan Betkolia berichten de westerse media veel te beperkt over Iran en het Midden-Oosten. Dat schept angst voor moslims en is voor veel regeringen bepalend voor de koers van het beleid.
Betkolia beziet verbaasd hoe westerse landen praten over het conflict in Israël. ,,Ik denk dat het komt doordat de westerse media een te eenzijdig beeld schetsen. Hoe kan een land als Nederland accepteren wat er in Israël gebeurt? Kijk eens naar Gaza, de Palestijnen worden onderdrukt door Israël. Ook christelijke Palestijnen hebben het zwaar te verduren. In jullie media hoor je wel over Wilders en Palestijnse aanslagen. Maar de aanvallen van Israël komen veel minder prominent in het nieuws, terwijl die verreweg de meeste slachtoffers veroorzaken.''
Intussen lopen de spanningen tussen Iran en het Westen steeds verder op. President Ahmadinejad jaagt de westerse landen schrik aan met zijn harde uitspraken over Israël en de Holocaust. Daarnaast kijkt het Westen met argusogen naar het nucleaire energieprogramma dat Iran ontwikkelt. De Verenigde Staten en de Europese Unie stapelen boycot op boycot, zonder dat het op Ahmadinejad effect lijkt te hebben. ,,Wij hebben de energie nodig om stroomuitvallen op te kunnen vangen. Helaas zien de Verenigde Staten het anders en Europa volgt daarin klakkeloos. Het lijkt wel of alleen Iran geen nucleaire energie mag hebben. Pakistan, Israël en Syrië beschikken er ook over, maar dat is blijkbaar voor niemand een probleem.''
Vanuit Amerika klinkt bij herhaling de roep om een aanval op Iran. Zeker nu het land niet wil stoppen met het ontwikkelen van nucleaire energie en raketproeven uitvoert. Betkolia is niet bang voor de dreigende taal vanuit de Verenigde Staten.
,,Het gebeurt niet, het is echt het domste wat ze kunnen doen. Op dat moment verenigen alle Iraniërs zich, want het Iraanse volk is trots op zichzelf. Wij willen niet overheerst worden. Als een land ons aanvalt, zullen de Iraanse moslims, christenen en joden zich verenigen en samen vechten voor hun land.''
De buurlanden Irak en Afghanistan werden wel aangevallen door de Amerikanen, Iran is dan slechts één stapje verder. ,,Welnee'', zegt het parlementslid grijnzend. ,,Als de Amerikanen in Irak en Afghanistan al helemaal vastlopen, hoe willen ze dan het veel grotere Iran aanpakken?'' Hij ziet de uitspraken van de presidentskandidaten Hillary Clinton en John McCain daarom vooral als campagnepraatjes. ,,En Clinton ligt er nu al uit, toch? Ik denk dat de Amerikaanse bevolking niet zit te wachten op nog een oorlog.''
Betkolia herinnert zich de oorlog met Irak in de jaren tachtig nog erg goed. ,,Iran is de afgelopen eeuw nooit een oorlog begonnen, we zijn een vreedzaam land. De wereld zal zien dat wij een beschaafd volk zijn. Wij vielen Irak niet aan, Irak viel ons aan. In die vreselijke oorlog bombardeerde Irak onze steden. Wij vielen enkel militaire doelen aan.'' Betkolia denkt niet dat Iran zo snel een land zal aanvallen. ,,Maak je wat dat betreft geen zorgen, Iran wil juist vrede.''
Radicale islam zie je alleen bij kleine minderheid
Dat is volgens Betkolia ook de reden dat Iran zo koel reageerde op Fitna . De inhoud van die film neemt Betkolia niet erg serieus. Maar het zegt volgens hem wel iets over Europa en de toenemende angst die er heerst voor de Islam. ,,Natuurlijk bestaat er een radicale islam, maar die tref je hier in Iran alleen aan bij een kleine minderheid. Die angst is betrekkelijk nieuw. Niet zo lang geleden steunden de Verenigde Staten bijvoorbeeld nog een radicale moslimgroepering: de taliban in Afghanistan.''
Die angst voor moslims is volgens de politicus een slechte ontwikkeling die afstand schept tussen het Westen en het Midden-Oosten.
,,Jullie zijn bang voor moslimextremisten, wij worden bang van de verhalen die we horen over extreemrechtse groeperingen in Europa. Wat zijn zij met buitenlandse minderheden van plan?''
Volgens Betkolia is atheïsme in veel Europese landen een oorzaak voor deze angst. ,,Ik ben in verschillende Europese landen geweest en ontdekte dat er nog maar weinig mensen zijn die in God geloven. Die mensen geloven in niets en dan heb je geen richting in je leven. Als er dan religieuze leiders opstaan die nadrukkelijk een koers uitzetten en je gelooft zelf niets, dan kun je daar niets tegenover stellen. Vanuit zo'n zwakke positie kan ik me voorstellen dat de islam beangstigend is.'' Yonathan Betkolia en de façade van een erkend christen
Parlement
Yonathan Betkolia (1951) is een paar maanden geleden voor de derde keer herkozen als vertegenwoordiger van de Assyrische christenen in het Iraanse parlement. Hij is dus al meer dan acht jaar parlementslid. Daarnaast maakt hij zich sterk voor het behoud van christelijk onderwijs in Iran.
Korte geschiedenis Assyriërs
De Assyrische christenen vormen een kleine minderheid in Iran. De afgelopen eeuwen vluchtten zij voor het geweld dat hun werd aangedaan. Het volk heeft geen eigen land en leeft daarom verspreid over verschillende landen in het Midden-Oosten. Ook in de Verenigde Staten en Europa leven grote groepen. De Assyriërs zien zichzelf als afstammelingen van het Assyrische rijk dat rond 500 voor Christus instortte. De oudste bronnen dateren van meer dan tweeduizend jaar voor Christus uit Mesopotamië (Irak). De Assyriërs vonden onder meer het spijkerschrift en het wiel uit. De recente geschiedenis van de Assyriërs is een bloedige. De massamoord tussen 1914 en 1916 die bekendstaat als de Armeense Genocide, trof ook het Assyrische volk. Niemand weet precies hoeveel mensen er omkwamen. Een journalist van The New York Times schatte het aantal doden destijds op enkele tienduizenden. In 1933 was het volk opnieuw het doelwit van massamoorden. Terwijl de Britten toekeken, voerde het Iraakse leger massa-executies uit. Ook onder Saddam Hussein waren de Assyriërs niet veilig, wat ervoor zorgde dat vele Assyriërs vluchtten naar Europa en de Verenigde Staten. Iran heeft al bijna vijftig jaar een Assyrische vertegenwoordiging in het parlement. In Nederland telt de Assyrische gemeenschap ongeveer twintigduizend leden.
Open Doors: christendom populair in Iran
De christelijke organisatie Open Doors merkt dat het in Iran steeds moeilijker wordt voor moslims die christen willen worden. ,,De Armeense en Assyrische christenen zijn erkend door de overheid, zij kunnen in een betrekkelijke rust hun geloof beleven,,, zegt Open Doors-woordvoerder Jenö Sebök. ,,Maar moslims die christen willen worden, hebben het ontzettend zwaar. Onlangs is een pasbekeerd echtpaar uit Teheran zwaar gemarteld en veelvuldig bedreigd en na betaling van een borgsom van vijftigduizend dollar vrijgelaten.'' De overheid erkent Armeense en Assyrische christenen omdat ze een andere etniciteit hebben. ,,Zij worden gezien als een soort asielzoekers. Moslims zien hen als 'dhimmy's', gelovigen van het boek.'' Dat zijn mensen met minder rechten, al is dat niet meer zo sterk als vroeger. ,,Maar ze hebben nog altijd wel de dhimmymentaliteit. Deze christenen hebben door hun geschiedenis wel geleerd zich koest te houden.'' Intussen maakt de Iraanse regering zich zorgen over het grote aantal moslims dat zich bekeert. Want dat accepteert de overheid niet. Sebök: ,,In 2004 schatte de Iraanse overheid het aantal bekeerde christenen op een kwart miljoen, intussen moet dat aantal enorm gegroeid zijn.'' Sinds president Ahmadinejad aan de macht is, neemt de jacht op christenen toe. ,,Nieuwe christenen moeten hun geloof ondergronds beleven. Toch lijkt het christendom vooral in Iran steeds populairder te worden. Moslims kunnen zich steeds minder vinden in de versie van de islam die de Iraanse overheid voorstaat.''